Wat een aangemelde instantie is

Een aangemelde instantie is een onafhankelijke organisatie die conformiteitsbeoordelingen mag uitvoeren voor bepaalde Europese wetgeving. De lidstaat meldt zo’n instantie aan via een aanmeldende autoriteit. De Europese Commissie kent daarna één identificatienummer toe en publiceert de lijst met alle aangemelde instanties.

Dat onderscheid telt. De instantie wordt niet door Brussel aangewezen maar door een lidstaat aangemeld. De Commissie beheert het register. Elke instantie krijgt slechts één nummer, ook wanneer zij voor meerdere handelingen is aangemeld.

Let ook op de term. Zelf beoordelen heet zelfverklaring, geen zelfcertificering. Certificaten komen van een instantie, verklaringen komen van u. Dat verschil bepaalt wie waarvoor aansprakelijk is.

Wanneer u er een nodig hebt

De toepasselijke wetgeving schrijft per productcategorie voor welke beoordelingsmodules zijn toegestaan. Staat interne productiecontrole daarbij, dan kunt u zelf verklaren. Schrijft de handeling voor uw categorie een typeonderzoek of volledige kwaliteitsborging voor, dan komt er een aangemelde instantie aan te pas.

In grote lijnen zijn dat producten met een hoger risico: bepaalde medische hulpmiddelen, drukapparatuur, liften, explosieveilige apparatuur, een deel van de persoonlijke beschermingsmiddelen en bepaalde categorieën machines. De handeling zelf noemt die categorieën in een bijlage.

Voor een groot deel van de consumentenelektronica is dat niet zo. Daar volstaat interne productiecontrole, mits u de eisen aantoonbaar en volgens de voorgeschreven procedure hebt afgedekt.

Wanneer zelfverklaring omslaat

Er is een tweede route naar een verplichte instantie. Die zit niet in de productcategorie maar in uw eigen keuzes. Past u de geharmoniseerde normen niet of slechts gedeeltelijk toe, dan schrijft de wetgeving voor bepaalde producten een zwaardere procedure voor dan u had verwacht.

De radioapparatuurrichtlijn is daar het duidelijkste voorbeeld van. Heeft u de normen toegepast waarvan de referenties in het Publicatieblad staan, dan mag u interne productiecontrole gebruiken. Zijn die normen niet of gedeeltelijk toegepast, dan moet uw product langs een EU-typeonderzoek of langs volledige kwaliteitsborging. Hetzelfde geldt wanneer zulke normen niet bestaan.

Een ontwerpkeuze kan uw route dus veranderen. Dat is precies waarom de normkeuze vroeg in het traject hoort en niet achteraf, wanneer het product al in productie is.

Een nummer op zichzelf zegt niets

Een instantie is aangemeld voor specifieke handelingen, modules en producten. Staat er een nummer achter de markering, controleer dan of die instantie is aangemeld voor precies de handeling die op uw product van toepassing is. De Commissie publiceert die scope per instantie.

Waarom u de scope moet controleren

De Commissie publiceert per aangemelde instantie het identificatienummer en de activiteiten waarvoor zij is aangemeld. Die lijst is openbaar en gratis te raadplegen. U kunt dus zelf nagaan of een instantie bevoegd is voor uw handeling, uw module en uw specifieke producttype.

Dat is geen theoretische controle. Wij komen certificaten tegen van laboratoria die uitstekend werk leveren, maar niet zijn aangemeld voor de handeling waar het om gaat. Het rapport is dan bruikbaar als onderbouwing, alleen vervangt het de vereiste beoordeling niet.

Weet u niet of u een instantie nodig heeft?

Laat kort weten om wat voor product het gaat. Wij nemen contact op met welke route erbij hoort.


    Gaat het om een product, noem dan kort wat het is en wat het doet.


    Vul dit alleen in als u liever gebeld wordt.

    Waar u op let bij het kiezen

    Prijs is zelden de bepalende factor. Belangrijker zijn de scope, de doorlooptijd, de ervaring met uw producttype en de vraag of de instantie ook de vervolgstappen kan doen. Vraag daarom vooraf naar de wachttijd en naar wat er precies in de offerte zit.

    Wat het doet met tijd en kosten

    Een aangemelde instantie is doorgaans de grootste kostenpost in een CE-traject en tegelijk de grootste onzekerheid in de planning van uw lancering. De beoordeling zelf duurt weken tot maanden. Bevindingen leiden bovendien tot een extra ronde die u vooraf zelden inplant.

    De praktische les is: begin met de scopevraag voordat u produceert. Blijkt halverwege dat er een instantie nodig is, dan schuift uw lancering op met de wachttijd van die instantie, niet met de tijd die u zelf nodig hebt.

    Wat u nu uitzoekt

    Zoek in de handeling die op uw product van toepassing is de bijlage met de beoordelingsmodules op. Kijk welke modules zijn toegestaan voor uw categorie. Controleer daarna of u de geharmoniseerde normen volledig toepast, want dat kan de route alsnog verzwaren.

    1. Bepaal eerst welke handeling geldt. Zonder die stap kunt u de modulevraag niet beantwoorden.
    2. Zoek de bijlage met de conformiteitsbeoordelingsprocedures en noteer welke modules openstaan.
    3. Ga na of u de geharmoniseerde normen volledig toepast. Zo niet, noteer dan welke delen afwijken.
    4. Is er een instantie nodig, controleer dan in het openbare register of de gekozen instantie voor uw handeling is aangemeld.
    5. Vraag de actuele doorlooptijd op en plan die in voordat u de productie start.

    Uitzoeken of het nodig is

    Wij bepalen welke module voor uw product geldt, controleren de scope van de instantie en voeren het contact. U weet vooraf wat het kost en hoelang het duurt.

    Bekijk het CE-traject

    Welke apparaten eronder vallen

    De regels gelden voor smartphones, andere mobiele telefoons, draadloze telefoons en slatecomputers. Dat laatste is de wettelijke term voor een tablet zonder vast toetsenbord. De grens tussen die categorieën loopt via de schermdiagonaal, niet via de merknaam of de prijsklasse van het toestel.

    Een smartphone heeft een zichtbaar schermoppervlak met een diagonaal van minimaal 10,16 centimeter en maximaal 17,78 centimeter, dus 4 tot 7 inch. Een slatecomputer zit tussen 17,78 en 44,20 centimeter, dus 7 tot 17,4 inch. Daarbij geldt dat hij in zijn ontwerpconfiguratie geen vast bevestigd toetsenbord heeft.

    Buiten de verordening vallen apparaten met een flexibel hoofdscherm dat de gebruiker kan uit- en oprollen. Ook smartphones voor zwaarbeveiligde communicatie vallen erbuiten. Let op dat een inklapbaar scherm iets anders is dan een oprolbaar scherm.

    Een tablet met toetsenbord valt erbuiten

    De definitie eist dat het apparaat in zijn ontwerpconfiguratie geen geïntegreerd, fysiek bevestigd toetsenbord heeft. Levert u een tablet standaard met een vast toetsenbord, dan valt hij buiten deze verordening. Een los magnetisch toetsenbord als accessoire is iets anders dan een vaste bevestiging.

    Wat er op het label staat

    Het label toont de energie-efficiëntieklasse van het toestel plus vier duurzaamheidsgegevens. Dat zijn de batterijduur per lading, de valbestendigheid, de bescherming tegen stof en water en een repareerbaarheidsklasse. Daarmee is het geen puur energielabel meer, maar vooral een duurzaamheidslabel voor de consument.

    Dat verandert wat het label voor uw marketing betekent. Twee toestellen met hetzelfde energieverbruik kunnen sterk verschillen op valbestendigheid of repareerbaarheid. Dat verschil staat nu naast de prijs op uw productpagina.

    De ontwerpeisen achter het label

    Naast het label gelden ecodesign-eisen aan het product zelf. De bekendste is de batterijduur. Apparaten moeten na ten minste 800 cycli nog 80 procent van hun vermogen hebben. Dat wordt getest onder laadomstandigheden waarbij het batterijbeheersysteem de laadsnelheid begrenst en niet de stroomvoorziening.

    Daarnaast gelden eisen aan bescherming tegen stof en water, aan krasvastheid van het scherm en aan valbestendigheid. Voor mobiele telefoons betekent bescherming tegen binnendringing van vaste voorwerpen groter dan 1 millimeter en tegen spetterend water. Voor slatecomputers is de eis bestand tegen per ongeluk gemorst water.

    Dit is het deel dat het vaakst wordt onderschat. Een label kunt u laten maken, maar aan deze eisen moet het product zelf voldoen. Voldoet het niet, dan helpt geen enkele registratie.

    Zeven jaar reserveonderdelen

    Fabrikanten, importeurs en gemachtigden stellen reserveonderdelen ter beschikking aan professionele reparateurs tot ten minste zeven jaar na de datum waarop het product voor het laatst in de handel is gebracht. Die termijn loopt dus door nadat u met het model bent gestopt.

    De lijst is concreet en omvat onder meer de batterij, de camerasamenstellen voor en achter en de externe audioaansluitingen, inclusief de bevestigingsmiddelen wanneer die niet herbruikbaar zijn.

    Voor een importeur is dit een verplichting met een lange staart. Stopt uw leverancier met de productie van een onderdeel, dan blijft uw verplichting bestaan. Leg die beschikbaarheid dus contractueel vast voordat u begint.

    Valt uw toestel onder deze regels?

    Geef kort het type toestel en de schermmaat door. Wij nemen contact op met wat er voor u geldt.


      Gaat het om een product, noem dan kort wat het is en wat het doet.


      Vul dit alleen in als u liever gebeld wordt.

      Wat uw webshop moet tonen

      Bij verkoop op afstand moet het label zichtbaar zijn in de buurt van de prijs. Een energiepijl met een doorklik naar het volledige label en het productinformatieblad is toegestaan. Die uiting moet dan wel voldoen aan de voorschriften uit de bijlage van de labelverordening zelf.

      Het gaat dus niet alleen om aanwezigheid maar om plaatsing. Een label onderaan de pagina of verstopt in een tabblad met specificaties voldoet niet aan zichtbaar in de buurt van de prijs.

      Registratie in de Europese productendatabank blijft daarnaast een voorwaarde voor markttoegang. Hoe die registratie werkt, staat in ons artikel over EPREL.

      Wat u moet laten testen

      De waarden op het label moeten onderbouwd zijn met echte metingen. Dat betekent tests op de batterijduur per lading, de batterijlevensduur in cycli, de valbestendigheid, de bescherming tegen stof en water en op alle gegevens die samen de repareerbaarheidsklasse bepalen.

      Die metingen komen bij elkaar in uw technische documentatie en moeten overeenkomen met wat u in de databank invoert en met wat op het label staat. Toezicht begint doorgaans met die vergelijking.

      Wat u regelt

      Bepaal eerst of uw toestellen binnen de definities vallen, want de schermdiagonaal en het toetsenbord zijn beslissend. Laat daarna testen op de punten die het label vullen. Leg tot slot vast hoe u zeven jaar aan reserveonderdelen borgt bij uw leverancier.

      1. Meet de schermdiagonaal en controleer of er een vast toetsenbord is. Dat bepaalt of het apparaat eronder valt.
      2. Vraag uw leverancier de testrapporten op voor batterijcycli, valbestendigheid en bescherming tegen stof en water.
      3. Leg contractueel vast dat reserveonderdelen zeven jaar beschikbaar blijven, ook na uitfasering.
      4. Registreer het model in de databank voordat u gaat verkopen.
      5. Controleer op uw productpagina of het label bij de prijs staat en of de doorklik werkt.

      Van test tot label

      Wij bepalen of uw toestellen binnen de definities vallen, regelen de tests via ons lab en zorgen dat label, databank en documentatie dezelfde waarden geven. Vaste prijs vooraf.

      Bekijk onze diensten

      De twee kanten van EMC

      De EMC-richtlijn 2014/30/EU vraagt dat apparatuur haar omgeving niet stoort en zelf bestand is tegen storing van buiten. Die twee eisen heten emissie en immuniteit. Een product dat op één van beide zakt, voldoet niet, ook wanneer het verder perfect werkt.

      De achterliggende gedachte is eenvoudig. In een woning of een kantoor staan tientallen apparaten naast elkaar. Als elk apparaat vrij mag storen, werkt op den duur niets meer betrouwbaar. De richtlijn verdeelt de ruimte dus, met grenswaarden per frequentieband.

      Beide kanten worden gemeten in een afgeschermde ruimte, zodat de omgeving de meting niet beïnvloedt. Wat u meet is dus wat uw product doet, niet wat het gebouw doet.

      Wat er bij emissie wordt gemeten

      Emissie wordt op twee manieren gemeten. Geleide emissie is de storing die uw product via de voedingskabel terugstuurt het net op. Uitgestraalde emissie is de storing die het via de lucht afgeeft. Beide worden vergeleken met een grenswaarde per frequentie.

      Bij uitgestraalde emissie draait het product op een tafel in de afgeschermde ruimte, terwijl een antenne rondom meet. De opstelling wordt gevarieerd. De antenne gaat omhoog en omlaag, het product draait en de kabels worden verlegd. Dat laatste is geen formaliteit, want een kabel werkt als antenne.

      Daarom is de conclusie van een emissietest altijd gekoppeld aan een opstelling. Verandert u de meegeleverde kabel of de plaatsing van de voeding, dan verandert het resultaat mogelijk mee.

      Wat er bij immuniteit wordt gedaan

      Bij immuniteit wordt het product bewust gestoord. Denk aan elektrostatische ontlading op de behuizing en de aansluitingen, een sterk radioveld eromheen, snelle spanningspieken op de voedingskabel en korte onderbrekingen in de netspanning. Daarna wordt gekeken of het product nog naar behoren werkt.

      Wat goed werkt betekent, legt u zelf vast voordat de test begint. U beschrijft welke functies essentieel zijn en welk gedrag u acceptabel vindt. Een apparaat dat tijdens een spanningsdip herstart maar daarna normaal verdergaat, kan slagen. Een apparaat dat blijft hangen, zakt.

      Beschrijf vooraf wat acceptabel gedrag is

      De prestatiecriteria bepalen of een bevinding een fout is of niet. Laat u dat aan het laboratorium over, dan krijgt u een strengere of juist te ruime beoordeling dan bij uw product past. Leg voor de test vast welke functies kritisch zijn en wat er mag gebeuren.

      Welke norm voor welk product

      Voor multimedia-apparatuur gelden doorgaans EN 55032 voor emissie en EN 55035 voor immuniteit. Huishoudelijke apparaten en elektrisch gereedschap volgen de reeks EN 55014. Meet- en regelapparatuur valt onder EN 61326-1. Bestaat er geen productnorm voor uw apparaatsoort, dan gelden de generieke normen.

      De keuze tussen een productnorm en een generieke norm is niet vrij. Bestaat er een productnorm voor uw apparaatsoort, dan gaat die voor. Een rapport tegen een generieke norm terwijl er een productnorm was, is een zwakke plek in uw dossier.

      Zakt uw product op EMC?

      Beschrijf kort het product en de bevinding. Wij nemen contact op met wat er nodig is om het op te lossen.


        Gaat het om een product, noem dan kort wat het is en wat het doet.


        Vul dit alleen in als u liever gebeld wordt.

        Waarom producten zakken

        In de praktijk komen de meeste bevindingen voort uit een handvol bekende oorzaken. Een schakelende voeding zonder voldoende filtering. Een lange kabel zonder afscherming. Een slechte massaverbinding in de metalen behuizing. Of een firmware-update die het schakelgedrag ongemerkt heeft veranderd.

        Wat er buiten de richtlijn valt

        De EMC-richtlijn geldt niet voor apparatuur die onder de radioapparatuurrichtlijn valt. Heeft uw product wifi of bluetooth aan boord, dan lopen de EMC-eisen dus via die richtlijn. Ook luchtvaartuitrusting en apparatuur die radioamateurs gebruiken vallen buiten het toepassingsgebied van deze richtlijn.

        Daarnaast valt uitrusting eronder die door haar fysische eigenschappen geen relevante emissie kan veroorzaken en niet gestoord kan worden. Dat is een smalle uitzondering, dus onderbouw haar wanneer u erop leunt.

        Vaste installaties kennen een eigen regime. Zij worden samengesteld op een vooraf bepaalde locatie voor permanent gebruik. Daarvoor gelden andere voorschriften dan voor apparaten die vrij circuleren.

        Wat u regelt

        Bepaal eerst of uw product een radiofunctie heeft, want dan verloopt EMC via de radioapparatuurrichtlijn. Kies daarna de juiste productnorm en leg schriftelijk vast wat acceptabel gedrag is. Zorg tot slot dat de geteste opstelling overeenkomt met wat u daadwerkelijk levert.

        1. Controleer of er een radiofunctie is. Zo ja, dan loopt EMC via de radioapparatuurrichtlijn.
        2. Zoek de productnorm voor uw apparaatsoort. Alleen bij het ontbreken daarvan gebruikt u een generieke norm.
        3. Beschrijf de essentiële functies en het acceptabele gedrag voordat de test start.
        4. Laat testen met de kabels en de voeding die u ook meelevert, in dezelfde lengte.
        5. Leg vast dat een wijziging in voeding, kabel of firmware een hertest kan vragen.

        Testen via ons lab in Shenzhen

        Wij bepalen welke norm geldt, stellen de prestatiecriteria met u vast en controleren het rapport voordat het uw dossier in gaat. Vaste prijs vooraf.

        Bekijk onze diensten

        De vorm en de verhoudingen

        De markering bestaat uit de letters CE in een vastgelegde grafische vorm. Bijlage II van Verordening (EG) 765/2008 bevat die tekening met een raster erbij dat de verhoudingen vastlegt. Bij vergroting of verkleining moeten de verhoudingen van die gegradueerde afbeelding worden aangehouden.

        Praktisch betekent dat: u schaalt de markering proportioneel, u vervormt haar niet en u tekent haar niet zelf na. De twee letters zijn opgebouwd uit cirkelsegmenten met een vaste onderlinge afstand. Wie de letters uit een gewoon lettertype zet, komt daar bijna altijd naast.

        Noemt de specifieke wetgeving voor uw product geen afmeting, dan bedraagt de hoogte ten minste 5 millimeter. Sommige handelingen schrijven wel een eigen minimum voor, dus controleer dat in de handeling die op uw product van toepassing is.

        Haal de tekening uit de bron

        De officiële afbeelding staat in bijlage II van Verordening (EG) 765/2008, met de rasterlijnen die de verhoudingen vastleggen. Gebruik die als referentie in plaats van een bestand dat via een leverancier is doorgestuurd. Dan weet u zeker dat de proporties kloppen.

        Waar de markering moet staan

        De markering wordt zichtbaar, leesbaar en onuitwisbaar aangebracht op het product of op het gegevensplaatje. Is dat gezien de aard van het product niet mogelijk of niet gerechtvaardigd, dan gaat de markering op de verpakking en in de begeleidende documenten.

        Die uitzondering wordt vaak te ruim gelezen. Zij geldt wanneer het product te klein is of het materiaal zich niet leent voor markering, niet wanneer de markering het ontwerp verstoort. Een esthetisch bezwaar is geen grond om de markering van het product te halen.

        Onuitwisbaar betekent bovendien dat een sticker die na een paar keer schoonmaken loslaat, niet voldoet. Denk daarbij aan hoe het product in de praktijk wordt gebruikt en gereinigd.

        Wanneer u haar aanbrengt

        De markering wordt aangebracht voordat het product in de handel wordt gebracht. Dat is niet alleen een volgorde in de tijd, maar ook in het dossier: eerst de beoordeling, dan de documentatie, dan de ondertekende verklaring en pas als laatste het merkteken.

        Zet u de markering er eerder op, dan verklaart u iets wat u nog niet hebt vastgesteld. Dat komt vaker voor dan u zou denken, meestal doordat de productie in Azië de markering standaard meeprint terwijl het dossier nog in opbouw is.

        Het nummer achter de markering

        Is bij de gekozen beoordelingsroute voor uw product een aangemelde instantie betrokken, dan volgt haar identificatienummer direct achter de CE-markering. Dat nummer wordt aangebracht door de instantie zelf of door de fabrikant volgens haar instructies. Is er geen instantie betrokken, dan staat er ook geen nummer achter de markering.

        Daaruit volgt een handige controle. Ziet u een viercijferig nummer achter de markering op een product waarvoor zelfverklaring geldt, dan klopt er iets niet. Andersom geldt hetzelfde: ontbreekt het nummer bij een product waarvoor een instantie verplicht is, dan is dat een signaal.

        Twijfelt u over de markering op uw product?

        Laat kort weten om wat voor product het gaat. Wij nemen contact op met wat wij kunnen doen en wat het kost.


          Gaat het om een product, noem dan kort wat het is en wat het doet.


          Vul dit alleen in als u liever gebeld wordt.

          De mythe van het China Export-logo

          Het verhaal gaat dat er een tweede merkteken bestaat, China Export genaamd, met dezelfde letters maar dichter op elkaar getekend. Er is geen bewijs dat zo’n keurmerk officieel bestaat of ooit is geregistreerd. Wat er wel is, zijn verkeerd getekende CE-markeringen.

          Dat maakt het onderwerp niet minder relevant, alleen anders. De vraag is niet of iemand een ander logo gebruikt, maar of de markering op uw product voldoet aan de voorgeschreven verhoudingen. Zo niet, dan is zij niet correct aangebracht.

          Belangrijker nog: de vorm zegt niets over de onderbouwing. Een perfect getekende markering op een product zonder dossier is een grotere overtreding dan een iets te smalle letter op een product dat wel voldoet.

          Wat er in de praktijk misgaat

          Bij de vormgeving zien wij vier terugkerende problemen. De markering is te klein. Zij is vervormd door niet-proportioneel schalen. Zij staat op de verpakking terwijl het op het product had gekund. Of er staan andere merktekens omheen die haar leesbaarheid aantasten.

          Wat u controleert

          Neem een exemplaar uit uw voorraad en meet de markering na. Kijk of de verhoudingen kloppen met de tekening uit de bijlage. Controleer of zij op het product zelf staat en of er terecht wel of geen nummer achter staat. Doe dat per leverancier, want de fouten zijn per fabriek consistent.

          1. Meet de hoogte. Onder de 5 millimeter zonder afwijkende wettelijke maat is niet in orde.
          2. Leg de markering naast de tekening uit bijlage II en kijk of de verhouding klopt.
          3. Controleer of zij op het product of het gegevensplaatje staat. Staat zij alleen op de doos, ga dan na of daar een goede reden voor is.
          4. Kijk of er een nummer van een aangemelde instantie achter staat en of dat past bij uw beoordelingsroute.
          5. Test of de markering na normaal gebruik en reiniging leesbaar blijft.

          Klopt de markering op uw product?

          Wij controleren de markering, de verpakking en de begeleidende documenten tegen de eisen van de wetgeving die op uw product van toepassing is. Vaste prijs vooraf.

          Bekijk onze diensten

          Waarom u het nodig heeft

          Het technisch dossier is het bewijs onder uw conformiteitsverklaring. Zonder dossier is die verklaring een bewering die u niet kunt waarmaken. Een toezichthouder of een afnemer kan het opvragen. Dan moet u binnen de wettelijke termijn kunnen laten zien waar uw verklaring op rust.

          Het technisch dossier is de onderbouwing onder uw conformiteitsverklaring. U verklaart dat uw product voldoet. Het dossier is het bewijs waarmee u die verklaring kunt waarmaken. Zonder dossier is de verklaring een bewering.

          Dat onderscheid wordt pas zichtbaar op het moment dat iemand ernaar vraagt. Dat kan een toezichthouder zijn, maar in de praktijk is het vaker een afnemer of een marktplaats die het opvraagt voordat hij uw product opneemt.

          Welke onderdelen erin horen

          Een technisch dossier bevat een beschrijving van het product, de ontwerptekeningen, een risicobeoordeling, de toegepaste normen, de testrapporten, de gebruiksaanwijzing en de conformiteitsverklaring zelf. De samenstelling verschilt per verordening, maar deze onderdelen komen in vrijwel elk dossier terug. Bewaar ze bij elkaar, zodat u ze in een keer kunt overleggen.

          De precieze inhoud verschilt per verordening, maar de kern is overal hetzelfde. Deze onderdelen komen in vrijwel elk dossier terug:

          ProductcategorieBewaartermijnVanaf
          Algemene consumentenproducten10 jaarLaatste exemplaar op de markt
          Machines10 jaarLaatste exemplaar op de markt
          Persoonlijke beschermingsmiddelen10 jaarLaatste exemplaar op de markt
          Bewaartermijn per productcategorie

          Hoe lang u het bewaart

          U bewaart het technisch dossier tien jaar, gerekend vanaf het moment waarop u het laatste exemplaar op de markt bracht. Dus niet vanaf de productiedatum en niet vanaf de eerste verkoop. Wijzigt u het product, dan begint die termijn opnieuw voor die versie.

          De hoofdregel is tien jaar, gerekend vanaf het moment dat u het laatste exemplaar op de markt bracht. Niet vanaf de productiedatum. Ook niet vanaf de eerste verkoop.

          Let op bij een productwijziging

          Wijzigt u iets aan het product, dan begint de termijn opnieuw voor die versie. In de praktijk betekent dat: bewaar per modelvariant een eigen dossier. Niet één dossier voor een reeks die door de jaren heen is aangepast.

          Wat er meestal misgaat

          De meest voorkomende fout is een dossier dat compleet lijkt maar niet hoort bij het product dat daadwerkelijk wordt verkocht. Dat gebeurt zodra een leverancier het ontwerp aanpast zonder dat de documentatie meegaat. Het testrapport hoort dan bij een eerdere versie.

          De meest voorkomende fout is een dossier dat compleet lijkt maar niet bij het product hoort dat daadwerkelijk wordt verkocht. Dat gebeurt als een leverancier het ontwerp aanpast zonder dat de documentatie meegaat.

          1. Het testrapport hoort bij een eerdere versie van het product.
          2. De risicobeoordeling ontbreekt of bestaat uit een ingevuld sjabloon zonder productspecifieke gevaren.
          3. De gebruiksaanwijzing is niet vertaald naar de taal van het land van verkoop.
          4. Het dossier ligt bij de fabrikant in Azië en niet bij u, terwijl uw naam op het product staat.

          Twijfelt u of dit voor uw verpakking geldt?

          Laat kort weten waar het over gaat. Wij nemen contact op met wat wij kunnen doen en wat het kost.


            Gaat het om een product, noem dan kort wat het is en wat het doet.


            Vul dit alleen in als u liever gebeld wordt.

            Liever niet zelf uitzoeken?

            Wij stellen technische dossiers op voor merken en fabrikanten, van de risicobeoordeling tot de verklaring die u ondertekent. Vaste prijs vooraf.

            Bekijk het CE-traject

            Waarom er geen prijskaartje bestaat

            CE-markering is geen certificaat dat u ergens aanvraagt en afrekent. Het is het bewijs dat u hebt aangetoond dat uw product aan de Europese eisen voldoet. Wat dat bewijs kost, hangt af van uw product, van de toepasselijke wetgeving en van de beoordelingsroute die daarbij hoort.

            Een spatscherm, een boormachine en een medisch hulpmiddel vallen alle drie onder een CE-plicht, maar de weg ernaartoe verschilt sterk. Het ene product brengt u op de markt met een eigen verklaring, het andere moet eerst door een laboratorium en langs een aangemelde instantie.

            Wie u een bedrag noemt zonder uw product te kennen, doet een aanname. De eerste vraag is niet wat het kost, maar welke route uw product moet volgen.

            Waar de kosten uit bestaan

            De totale prijs is de som van losse onderdelen. Niet elk onderdeel is voor elk product nodig. Het gaat om classificatie, risicobeoordeling, tests, het technisch dossier, de conformiteitsverklaring en eventueel een aangemelde instantie. Daarbovenop komt het onderhoud van het dossier.

            1. Bepalen welke wetgeving geldt. Uitzoeken onder welke richtlijnen en verordeningen uw product valt. Dit is denkwerk, maar het stuurt alle vervolgstappen en dus alle kosten.
            2. Risicobeoordeling. De risico’s in kaart brengen en aantonen dat u ze hebt afgedekt.
            3. Tests. Afhankelijk van de wetgeving zijn tests nodig, bijvoorbeeld op elektrische veiligheid, elektromagnetische compatibiliteit of radio-eisen. Zodra tests verplicht zijn, is dit meestal de grootste post.
            4. Technisch dossier. Tekeningen, testrapporten en beoordelingen komen samen in een dossier dat u jarenlang moet kunnen tonen.
            5. Conformiteitsverklaring. Het document waarmee u formeel verklaart dat het product voldoet. U ondertekent het zelf.
            6. Aangemelde instantie. Bij een deel van de producten is een externe keuringsinstantie verplicht. Dat is een aparte en doorgaans veel hogere post.

            Daarnaast is er onderhoud. Er bestaat geen jaarlijkse CE-licentie, maar wetgeving verandert en producten worden aangepast. Uw dossier moet die veranderingen volgen.

            De bepaling die uw prijs stuurt

            Eén mechanisme verklaart de meeste prijsverschillen: hebt u de geharmoniseerde normen volledig toegepast? Zo ja, dan mag u in veel gevallen zelf verklaren via interne productiecontrole. Zo nee, dan schrijft de wetgeving een zwaardere route voor, met een aangemelde instantie erbij.

            Radioapparatuur laat dat het duidelijkst zien. Artikel 17 van de radioapparatuurrichtlijn zegt dat u interne productiecontrole mag gebruiken wanneer u de geharmoniseerde normen hebt toegepast waarvan de referenties in het Publicatieblad staan. Hebt u die normen niet of slechts gedeeltelijk toegepast, dan moet uw product langs een EU-typeonderzoek of langs volledige kwaliteitsborging. Hetzelfde geldt wanneer zulke normen niet bestaan.

            Dat is geen detail. Het is het verschil tussen een dossier dat u zelf sluit en een traject met een externe instantie erin. Een afwijking van een norm die uw ontwerper logisch vond, kan uw route en uw begroting dus veranderen.

            Vraag uw leverancier naar de normen, niet naar het certificaat

            Een leverancier stuurt vaak een testrapport met een normnummer erop. De vraag die telt is of de norm volledig is toegepast en welke clausules zijn beproefd. Staat er een afwijking in, dan bepaalt dat welke beoordelingsroute geldt en dus wat het traject kost.

            Wat u in de praktijk betaalt

            Onderstaande bedragen zijn marktindicaties op basis van onze eigen dossiers, geen offerte. Zij laten vooral de verhouding zien tussen de drie situaties waarin producten meestal vallen. De werkelijke prijs hangt af van uw product en van de staat van uw documentatie.

            SituatieWat erbij komt kijkenIndicatie
            Laag risico, zelf verklaren, documentatie grotendeels op ordeClassificatie, dossier controleren, conformiteitsverklaringEnkele honderden tot circa 1.500 euro begeleiding
            Product waarvoor tests verplicht zijnLabtests, risicobeoordeling, technisch dossierTests vaak 1.000 tot 5.000 euro per product, plus begeleiding
            Hoger risico, aangemelde instantie verplichtAlle bovenstaande stappen plus externe keuringVanaf enkele duizenden euro, sterk productafhankelijk
            Indicatie van de kosten per situatie

            Let op de tweede rij. Daar zit de meeste spreiding, omdat het aantal tests afhangt van het aantal toepasselijke wetten. Een product met een radiofunctie, een netvoeding en een accu raakt drie regimes tegelijk.

            Wilt u weten wat uw product kost?

            Laat kort weten om wat voor product het gaat. Wij bepalen de route en sturen binnen 24 uur een offerte met een vaste prijs.


              Gaat het om een product, noem dan kort wat het is en wat het doet.


              Vul dit alleen in als u liever gebeld wordt.

              Wat de rekening onverwacht opdrijft

              De begroting loopt zelden uit op de posten die u vooraf ziet. Hij loopt uit op varianten die apart getest moeten worden, op een ontwerpwijziging halverwege het traject en op een leverancier die de gevraagde onderbouwing niet blijkt te hebben.

              Van deze vier is de derde het duurst en het meest voorkomend. Daarom is de eerste vraag aan een nieuwe leverancier niet of het product CE heeft, maar welke rapporten hij vandaag kan sturen.

              Zelf doen of uitbesteden

              U mag CE-markering in veel gevallen zelf regelen. De directe kosten lijken dan lager. Daar staan drie verborgen posten tegenover: de tijd om uit te zoeken welke regels gelden, de kans op een fout die pas bij een controle blijkt en het risico dat u het product uit de handel moet nemen.

              De eerste keer kost het uitzoeken al snel weken. Dat is te overzien wanneer u één product heeft en tijd hebt. Het wordt anders wanneer u een assortiment voert, wanneer uw omzet aan een platformaccount hangt of wanneer er een leverdatum staat.

              Uitbesteden betekent dat u die tijd en dat risico afkoopt tegen een vast bedrag. De afweging is dus niet inhoudelijk maar economisch. Wat is uw eigen tijd waard? Wat kost een verkeerde inschatting u?

              Wat het kost om het niet te doen

              De duurste variant is een product verkopen waarvan het dossier niet klopt. Toezichthouders kunnen de verkoop verbieden, een terugroeping eisen en een boete opleggen. Daarbovenop komt de schade: retouren, voorraad die u niet meer kwijt kunt en een listing die offline gaat.

              Bij verkoop via een handelsplatform gaat dat snel. Een platform kan een aanbod verwijderen op bevel van een toezichthouder. Uw verkoop ligt dan stil voordat er iemand naar uw kant van het verhaal heeft gekeken.

              Afgezet tegen die uitkomst zijn de kosten vooraf vrijwel altijd de goedkoopste route. Dat is geen verkooppraatje maar rekenwerk: vergelijk de begeleiding met de waarde van uw voorraad.

              Weten wat uw product kost

              Stuur ons uw product en uw huidige documentatie. Wij bepalen de beoordelingsroute en sturen binnen 24 uur een offerte met een vaste prijs, zodat u vooraf weet waarvoor u betaalt.

              Vraag een offerte aan

              Wat is de PPWR?

              De PPWR is de Europese verpakkingsverordening, voluit Verordening (EU) 2025/40. Hij is vastgesteld op 19 december 2024, trad in werking op 11 februari 2025 en is van toepassing sinds 12 augustus 2026. Hij vervangt Richtlijn 94/62/EG, die dertig jaar de basis was.

              Dat de verordening pas anderhalf jaar na inwerkingtreding gaat gelden staat in artikel 71.

              Het verschil met die richtlijn zit niet alleen in de inhoud. Een richtlijn moest eerst door elke lidstaat in eigen wetgeving worden omgezet, waardoor de eisen per land verschilden. Een verordening geldt in alle lidstaten rechtstreeks en gelijk.

              Wat geldt sinds 12 augustus 2026

              Sinds 12 augustus 2026 gelden drie soorten verplichtingen: grenswaarden voor stoffen in de verpakking, een unieke markering met de gegevens van de fabrikant en een conformiteitsverklaring met technische documentatie eronder. Het herontwerpen van verpakking hoort daar niet bij. Dat komt pas in 2030.

              Hier gaat het in de berichtgeving vaak mis. Wie de koppen las over recyclebaarheid en lege ruimte, denkt dat er nu al aan de verpakking zelf gesleuteld moet worden.

              Grenswaarden voor stoffen, artikel 5

              Voor elke grenswaarde bewaart u bewijs in uw dossier, in de vorm van een testrapport of een ondertekende leveranciersverklaring.

              Markering van de verpakking, artikel 15

              Verpakking die vanaf 12 augustus 2026 op de markt komt, moet informatie dragen waarmee die uniek te identificeren is: een type-, partij- of serienummer. Een ander identificatiemiddel mag ook. Daarnaast de naam of het geregistreerde handelsmerk van de fabrikant plus het postadres. Dat mag ook via een QR-code of een andere digitale gegevensdrager.

              Niet elk onderdeel hoeft afzonderlijk gemarkeerd te worden. Bij een beker met deksel en etiket volstaat het dat de informatie op één onderdeel staat.

              Conformiteitsverklaring en dossier, artikel 39

              U stelt een EU-conformiteitsverklaring op volgens het model in bijlage VIII, met technische documentatie eronder. De beoordelingsprocedure is module A, interne productiecontrole, uit bijlage VII. U doet dat zelf, er komt geen notified body aan te pas.

              De tien dagen die het verschil maken

              Artikel 15, lid 10 geeft u tien dagen om na een met redenen omkleed verzoek uw technische documentatie aan een toezichthouder te overleggen. Dezelfde termijn geldt voor de importeur en voor de gemachtigde. Een dossier dat u pas gaat samenstellen als de brief er ligt, redt u niet.

              Wat er met uw voorraad gebeurt

              Verpakking die voor 12 augustus 2026 al op de markt is gebracht, mag daar blijven, ook als die niet aan de PPWR voldoet. Verpakking die al is geproduceerd maar nog op voorraad ligt, hoeft niet te worden vernietigd, opnieuw gemaakt of geheretiketteerd.

              Dit is de vaakst gestelde vraag. De Commissie beantwoordt hem in de tweede editie van haar FAQ. Op drie punten is die uitzondering begrensd.

              Wat later komt

              De bekendste PPWR-eisen gelden pas later. Minimalisering van verpakking, de recyclebaarheidsklassen, het minimumaandeel gerecycled materiaal en de regel over ten hoogste vijftig procent lege ruimte gaan in op 1 januari 2030. De geharmoniseerde etikettering volgt eerder, op 12 augustus 2028. In 2038 wordt de recyclebaarheid verder aangescherpt.

              De Commissie bevestigt in haar FAQ uitdrukkelijk dat artikel 10 over minimalisering in zijn geheel pas per 1 januari 2030 geldt. Tot eind 2029 blijven de essentiële eisen van de oude verpakkingsrichtlijn van kracht.

              Het zwaartepunt ligt op 1 januari 2030. Daar komen minimalisering, de recyclebaarheidsklassen, het gerecycled gehalte en de regel over lege ruimte tegelijk binnen. De volledige tijdlijn met de vindplaatsen staat in de tabel hieronder.

              Eén uitzondering die verder terug gaat

              Brengt u verpakking als herbruikbaar op de markt, dan gelden de eisen van artikel 11 al sinds 11 februari 2025, de datum van inwerkingtreding. De verplichting om aan een hergebruiksysteem deel te nemen, artikel 27 met bijlage VI, kwam er op 12 augustus 2026 bij.

              Alle data op een rij

              De volledige tijdlijn op een rij, van de eisen die sinds 12 augustus 2026 gelden tot de stappen die tot 2040 volgen. Per datum staat erbij wat er verandert en voor wie dat geldt, zodat u kunt zien welke eis u nu moet regelen en welke u kunt inplannen.

              VerplichtingVanafVindplaats
              Eisen aan herbruikbare verpakking11 feb 2025Artikel 11
              Grenswaarden zware metalen en PFAS12 aug 2026Artikel 5, leden 4 en 5
              Unieke markering en fabrikantgegevens12 aug 2026Artikel 15, leden 5 en 6
              Conformiteitsverklaring en dossier12 aug 2026Artikel 39, bijlage VII en VIII
              Deelname aan een hergebruiksysteem12 aug 2026Artikel 27, bijlage VI
              Minimale omlopen herbruikbare verpakking12 feb 2027Artikel 11, lid 2
              Aparte eis aan verkoopverpakking12 feb 2028Artikel 24, lid 4
              Geharmoniseerde etikettering12 aug 2028Artikel 12, lid 1
              Minimalisering van verpakking1 jan 2030Artikel 10
              Recyclebaarheid klasse A, B of C1 jan 2030Artikel 6, lid 2
              Minimumaandeel gerecycled materiaal1 jan 2030Artikel 7, lid 1
              Ten hoogste 50 procent lege ruimte1 jan 2030Artikel 24, lid 1
              Recyclebaarheid klasse A of B1 jan 2038Artikel 6, lid 3
              Wanneer welke PPWR-verplichting ingaat

              Twee data staan onder voorbehoud van een uitvoeringshandeling. De regel over lege ruimte gaat in op 1 januari 2030 of drie jaar na de uitvoeringshandeling met de rekenmethode, als dat later is. Die methode komt uiterlijk 12 februari 2028.

              Bent u fabrikant?

              Onder de PPWR is fabrikant wie zijn naam of merk op de verpakking zet, ook als een ander die maakt of vult. Wie maatwerkverpakking zonder merkopdruk bestelt is dat eveneens, omdat die partij de ontwerpspecificaties bepaalt. De verordening kent geen aparte rol van merkeigenaar.

              De reden staat in het guidance-document van de Commissie: die partij heeft de beslissende macht in de contractuele relatie en kan dus de kenmerken van de verpakking bepalen. Dat geldt zelfs als er nog een ander merk op de verpakking staat.

              Verkoopt u als importeur onder eigen naam of wijzigt u de verpakking, dan wordt u op grond van artikel 21 eveneens als fabrikant aangemerkt. Laat u in Azië produceren met uw eigen merk erop, dan bent u fabrikant en importeur tegelijk.

              Twijfelt u of dit voor uw verpakking geldt?

              Laat kort weten waar het over gaat. Wij nemen contact op met wat wij kunnen doen en wat het kost.


                Gaat het om een product, noem dan kort wat het is en wat het doet.


                Vul dit alleen in als u liever gebeld wordt.

                Wat u nu zou regelen

                Begin bij uw rol en bij de stoffen. Stel per verpakking vast of u fabrikant, importeur of distributeur bent en vraag bij uw leveranciers op welke stoffen erin zitten. Zorg daarna dat u de verklaring en het dossier binnen tien dagen kunt overleggen.

                1. Stel per verpakking vast welke rol u heeft. Fabrikant, importeur of distributeur. Vaak meerdere tegelijk.
                2. Vraag per materiaalsoort en per leverancier op welke stoffen erin zitten. Artikel 16 verplicht uw leverancier die informatie te geven, in een taal die u gemakkelijk begrijpt.
                3. Controleer of elke verpakking een unieke identificatie draagt plus uw naam en postadres.
                4. Stel de conformiteitsverklaring op volgens bijlage VIII en leg het dossier eronder.
                5. Zorg dat u dat dossier binnen tien dagen kunt overleggen. Dat is de termijn die telt.

                PPWR voor uw verpakking geregeld

                Wij brengen uw verpakking in kaart per materiaalsoort en leverancier, halen de stofgegevens bij uw leveranciers op en leveren de verklaring met het dossier eronder. Vaste prijs vooraf.

                Bekijk onze PPWR-dienst

                Wat de meldcodelijst is

                De meldcodelijst is een overzicht van warmtepompen die binnen de subsidieregeling al zijn beoordeeld. Elk goedgekeurd toestel krijgt een meldcode die particuliere en zakelijke aanvragers in hun aanvraag invullen. Staat uw toestel er niet op, dan moet de aanvrager zelf documentatie aanleveren.

                Voor u als leverancier is dat het verschil tussen een product dat vlot in een offerte belandt en een product waarover eerst discussie ontstaat. Installateurs en adviseurs kiezen bij twijfel het toestel dat zij zonder extra werk kunnen aanbieden.

                De lijst wordt regelmatig bijgewerkt. Uw productinformatie moet dus meebewegen wanneer u een uitvoering wijzigt of uit de handel neemt.

                Waarom een meldcode verkoopt

                Een toestel met een meldcode geeft de installateur zekerheid, de adviseur snelheid en de eindklant vertrouwen. Er hoeft geen aanvullende documentatie te worden opgevraagd. Bovendien is er minder kans op discussie over de specificaties tijdens de behandeling van de aanvraag.

                Zonder meldcode kan een aanvraag soms nog wel worden ingediend. De aanvrager levert dan zelf extra documentatie aan. Blijkt het toestel dan niet aan de voorwaarden te voldoen, dan volgt alsnog een afwijzing. Dat risico ligt bij de klant van uw installateur. Die rekent het vervolgens aan het product toe.

                Aan welke eisen het toestel voldoet

                De regeling stelt eisen aan het type warmtepomp en aan de prestaties ervan. Sinds 1 januari 2024 geldt in de meeste gevallen een minimum van energielabel A++ voor het toestel. Lucht-luchtwarmtepompen vallen buiten de regeling, in tegenstelling tot lucht-water, grond-water en water-waterwarmtepompen.

                Daarnaast moet u de prestaties onderbouwen: ruimteverwarming, tapwater waar van toepassing, geluidsvermogen en het gebruikte koudemiddel. Die waarden moeten in alle documenten hetzelfde zijn.

                Let op dat de voorwaarden per subsidiejaar worden vastgesteld en dus kunnen wijzigen. Ook voor toestellen met een groter vermogen kunnen aparte regels gelden. Controleer daarom altijd de actuele meldcodelijst en de voorwaarden bij RVO voordat u een dossier samenstelt.

                Het label van het toestel, niet van het pakket

                Een veelgemaakte fout is het aanleveren van een pakketlabel, dus het gecombineerde label van warmtepomp met regeling of zonneboiler. Gevraagd wordt het energielabel van de warmtepomp zelf. Die twee labels tonen andere waarden en dat valt bij de beoordeling meteen op.

                De documenten die u aanlevert

                Een compleet dossier bevat het energielabel van het toestel zelf, de productkaart, de berekening van de technische gegevens en het testrapport waar dat vereist is. Daarbij horen ook het EPREL-registratienummer met de productlink en de onderbouwing van koudemiddel en geluidsvermogen.

                1. Energielabel van de warmtepomp zelf. Niet het pakketlabel.
                2. Productkaart of productfiche. De officiële productinformatie met de technische specificaties.
                3. Berekening van de technische gegevens. Onderbouwing van de prestaties voor ruimteverwarming en waar van toepassing tapwater.
                4. Testrapport. Waar vereist volgens EN 14825 voor ruimteverwarming of EN 16147 voor tapwater.
                5. EPREL-registratienummer en productlink. Naar het geregistreerde model.
                6. Onderbouwing van koudemiddel en geluidsvermogen. De opgegeven waarden moeten uit documentatie volgen.
                7. Conformiteitsverklaring. Waarin de toepasselijke wetgeving wordt genoemd.
                8. Gelijkwaardigheidsverklaring en foto van het typeplaatje. Wanneer uw modelnummer afwijkt van dat in het testrapport.

                Hoe de EPREL-registratie werkt en wie haar moet doen, staat in ons artikel over EPREL. Het registratienummer is een sluitstuk van dat traject, geen losse handeling.

                Wilt u weten of uw dossier compleet is?

                Laat kort weten om welk toestel het gaat en wat u heeft liggen. Wij nemen contact op met wat er nog ontbreekt.


                  Gaat het om een product, noem dan kort wat het is en wat het doet.


                  Vul dit alleen in als u liever gebeld wordt.

                  Hoe het aanmelden verloopt

                  U begint met het toetsen van de technische eisen aan de actuele voorwaarden bij RVO. Daarna verzamelt u de documenten en controleert u of merknaam, typenummer en prestatiewaarden overal identiek zijn. Pas wanneer alles overeenkomt, levert u het dossier aan.

                  Die controle op consistentie is de belangrijkste stap. In veel organisaties werken verkoop, techniek en marketing met verschillende versies van dezelfde productinformatie. De beoordelaar ziet dat verschil, u niet.

                  De fouten die vertraging kosten

                  Vrijwel alle vertraging komt voort uit kleine verschillen tussen de aangeleverde documenten onderling. Een pakketlabel in plaats van het toestellabel. Een productfiche die afwijkt van de gegevens in EPREL. Of modelnummers die per document verschillen zonder dat iemand dat opmerkt.

                  Wat u regelt

                  Controleer eerst of het toestel aan de actuele voorwaarden van dit subsidiejaar voldoet. Verzamel daarna de documenten en leg ze naast elkaar op merknaam, typenummer en prestatiewaarden. Los de verschillen op voordat u aanlevert, want een tweede ronde kost weken.

                  1. Raadpleeg de actuele meldcodelijst en voorwaarden bij RVO. Die worden per jaar vastgesteld.
                  2. Zorg dat de EPREL-registratie compleet is, want het registratienummer hoort in het dossier.
                  3. Leg label, fiche, testrapport en EPREL naast elkaar en vergelijk elke waarde.
                  4. Regel bij een afwijkend modelnummer een gelijkwaardigheidsverklaring plus een foto van het typeplaatje.
                  5. Wijs één persoon aan die de productdata beheert, zodat afdelingen niet met verschillende versies werken.

                  Dossier compleet, aanmelding rond

                  Wij controleren uw documentatie op consistentie, verzorgen de EPREL-registratie en stellen het dossier samen waarmee u de aanmelding indient. Vaste prijs vooraf.

                  Bekijk onze diensten

                  Waarom het platform controleert

                  Een handelsplatform is niet alleen een verkoopkanaal maar ook een schakel in het markttoezicht. Onder de algemene productveiligheidsverordening moet een platform een bevel van een toezichthouder om een aanbod te verwijderen binnen twee werkdagen na ontvangst van dat bevel uitvoeren.

                  Die termijn verklaart het gedrag van platformen. Zij controleren liever vooraf dan dat zij achteraf moeten ingrijpen. Daarom vragen zij documentatie op bij het aanmaken van een listing. Wat u aanlevert bepaalt of uw product zichtbaar blijft.

                  Let daarbij op het onderscheid. De wetgeving bepaalt waaraan uw product moet voldoen. Het platformbeleid bepaalt wat u moet uploaden en in welke vorm. Dat beleid kan wijzigen, de wetgeving eronder verandert langzamer.

                  De basislaag: CE en GPSR

                  Valt uw product onder een CE-plicht, dan wordt gevraagd om de markering, om de gebruiksaanwijzing in de juiste taal en om de EU-conformiteitsverklaring. Daarnaast geldt de algemene productveiligheidsverordening voor vrijwel alle consumentenproducten, ook voor producten die al een markering dragen.

                  Voor de GPSR betekent dat een interne risicobeoordeling met technische documentatie. Daarnaast is een verantwoordelijke marktdeelnemer binnen de EU nodig wanneer de fabrikant buiten de Unie is gevestigd. Zonder die verantwoordelijke mag het product niet in de handel worden gebracht.

                  Dropshipping en private label maken dit zwaarder, niet lichter. Brengt u het product als eerste de EU binnen of verkoopt u het onder eigen merk, dan ligt de bewijslast bij u en niet bij uw producent.

                  De verklaring in de juiste taal

                  Een terugkerend struikelblok is de conformiteitsverklaring in de taal van de lidstaat waar u verkoopt. Veel leveranciers leveren alleen een Engelse versie. Voor Nederland betekent dat Nederlands, voor België doorgaans Nederlands en Frans. Regel die vertaling bij uw leverancier, niet achteraf zelf.

                  Registraties per land

                  Wie producten op de Nederlandse of Belgische markt brengt, valt onder producentenverantwoordelijkheid voor verpakking, voor batterijen en voor elektronica. Platformen vragen om die registratienummers bij het aanmaken van de listing. Zonder geldig nummer riskeert u een blokkade van het aanbod.

                  Verkoopt u in beide landen, dan hebt u dus dubbele registraties nodig. Dat wordt vaak pas ontdekt wanneer het Belgische deel van het aanbod wordt geblokkeerd terwijl het Nederlandse blijft staan.

                  Verpakking sinds 12 augustus 2026

                  De verpakkingsverordening is sinds 12 augustus 2026 van toepassing. Voor een verkoopkanaal dat per definitie met verzendverpakking werkt, komt dat boven op de bestaande registratieplicht. Het gaat daarbij om eisen aan de gebruikte materialen, aan de markering en aan uw documentatie.

                  Die verordening kwam vier dagen geleden in werking, dus de handhavingspraktijk moet zich nog vormen. Dat is geen reden om te wachten: de verplichting geldt vanaf de dag zelf, ongeacht hoe streng er in de eerste maanden wordt gecontroleerd.

                  Is uw assortiment platformklaar?

                  Laat kort weten wat u verkoopt en waar u tegenaan loopt. Wij nemen contact op met wat er nodig is.


                    Gaat het om een product, noem dan kort wat het is en wat het doet.


                    Vul dit alleen in als u liever gebeld wordt.

                    Wat per categorie wordt gevraagd

                    Boven op de basislaag vraagt het platform per productcategorie een eigen set gegevens. Bij elektronica draait het om zichtbare markeringen. Bij speelgoed om de waarschuwingen en de taal van de verklaring. En bij gereedschap om de batterijgegevens en om de registratienummers.

                    Wat er gebeurt bij een blokkade

                    Bij een tekortkoming krijgt u een melding met de reden: een ontbrekend document, een markering die niet klopt of een ontbrekend registratienummer. U herstelt en dient opnieuw in. In de tussentijd staat de listing offline en loopt de verkoop niet door.

                    De asymmetrie is het probleem. Blokkeren gaat in een dag, herstellen kost weken. Een test bij een laboratorium, een risicobeoordeling of een registratie loopt al snel op tot enkele weken. Bij beschermingsmiddelen met een aangemelde instantie kan het maanden duren.

                    Daarom is de volgorde belangrijk. Wie zijn dossier op orde heeft voordat hij opschaalt, verliest geen omzet aan een herstelperiode die precies samenvalt met zijn beste weken.

                    Wat u controleert

                    Loop uw bestverkopende artikelen langs op de basislaag: de markering, de verklaring in de juiste taal, de risicobeoordeling en de verantwoordelijke in de EU. Controleer daarna of uw registratienummers voor beide landen kloppen en of uw fotomateriaal de vereiste markeringen toont.

                    1. Controleer per artikel of de conformiteitsverklaring in de juiste taal beschikbaar is.
                    2. Stel vast wie uw verantwoordelijke in de EU is en of die rol werkelijk is belegd.
                    3. Verzamel uw registratienummers voor verpakking, batterijen en elektronica, per land.
                    4. Kijk of uw productfoto’s de markeringen tonen die het platform wil zien.
                    5. Toets uw verzendverpakking aan de eisen die sinds 12 augustus 2026 gelden.

                    Uw assortiment platformklaar

                    Wij lopen uw artikelen langs op markering, verklaring, risicobeoordeling en registraties. Wat ontbreekt vullen wij aan. Zodat een controle geen omzet kost. Vaste prijs vooraf.

                    Bekijk onze diensten

                    De tien stoffen en hun grenswaarden

                    Bijlage II van richtlijn 2011/65/EU noemt tien stoffen met een maximaal getolereerde concentratie in homogene materialen, uitgedrukt in gewichtsprocent. Negen daarvan hebben een grenswaarde van 0,1 procent van het gewicht. Alleen cadmium ligt tien keer lager, namelijk op 0,01 procent.

                    StofGrenswaarde
                    Lood0,1 %
                    Kwik0,1 %
                    Cadmium0,01 %
                    Zeswaardig chroom0,1 %
                    Polybroombifenylen (PBB)0,1 %
                    Polybroomdifenylethers (PBDE)0,1 %
                    Bis(2-ethylhexyl)ftalaat (DEHP)0,1 %
                    Butylbenzylftalaat (BBP)0,1 %
                    Dibutylftalaat (DBP)0,1 %
                    Di-isobutylftalaat (DIBP)0,1 %
                    De beperkte stoffen uit bijlage II en hun maximale concentratie

                    De laatste vier zijn ftalaten, weekmakers die in kunststof worden gebruikt. Zij zijn later toegevoegd, met een eigen invoeringsdatum voor medische hulpmiddelen en voor meet- en regelapparatuur. Voor andere categorieën gelden zij al langer.

                    Wat een homogeen materiaal is

                    De richtlijn definieert een homogeen materiaal als één materiaal van uniforme samenstelling. Ook een materiaal dat niet in afzonderlijke materialen kan worden gescheiden door mechanische handelingen telt mee. Losschroeven, snijden, verbrijzelen, malen en slijpen gelden daarbij als voorbeelden van mechanische handelingen.

                    Praktisch betekent dat: uw product bestaat uit tientallen tot honderden homogene materialen. De coating op een schroef is er een. Het soldeer op een print is er een. De isolatie van een draad is er een. De kern van diezelfde draad is weer een andere.

                    De grenswaarde geldt per zo’n materiaal. Niet per component, niet per print en zeker niet per product.

                    Waarom een gemiddelde niets zegt

                    Een product van 800 gram met 0,4 gram lood zit op 0,05 procent en lijkt ruim in orde. Zit dat lood in een soldeerverbinding van 0,5 gram, dan is die verbinding voor 80 procent lood en zakt het product. De vraag is dus niet hoeveel er in zit, maar waar het zit.

                    Wat dat betekent voor uw dossier

                    U kunt RoHS niet aantonen met één meting aan het complete product. U hebt onderbouwing nodig per materiaal. Of ten minste per component, met een verklaring van de leverancier daarachter. Dat is een keten van bewijs en geen enkel rapport dat alles dekt.

                    In de praktijk bouwt u dat op via een stuklijst. Per component legt u vast welke materialen erin zitten en welke onderbouwing u daarvoor hebt: een leveranciersverklaring, een testrapport of een eigen meting. Ontbreekt de onderbouwing bij een component, dan is dat het gat in uw dossier.

                    Die aanpak schaalt bovendien. Gebruikt u dezelfde connector in tien producten, dan hoeft u die onderbouwing maar één keer te regelen.

                    Voor welke producten het geldt

                    De richtlijn geldt voor elektrische en elektronische apparatuur in elf categorieën, van huishoudelijke apparaten en IT-apparatuur tot verlichting, gereedschap, speelgoed, medische hulpmiddelen, meet- en regelapparatuur en automaten. De elfde categorie is een restcategorie voor alles wat niet in de eerste tien past.

                    Die restcategorie is belangrijk. Zij betekent dat u niet kunt concluderen dat RoHS niet geldt omdat uw product niet in een van de bekende categorieën past. Werkt het op elektriciteit, ga er dan van uit dat het eronder valt tenzij een uitzondering geldt.

                    Weet u niet of uw RoHS-dossier klopt?

                    Beschrijf kort het product en wat u aan onderbouwing heeft. Wij nemen contact op met wat er nog nodig is.


                      Gaat het om een product, noem dan kort wat het is en wat het doet.


                      Vul dit alleen in als u liever gebeld wordt.

                      Hoe u het aantoont

                      Er zijn drie niveaus van bewijs, die u meestal combineert. Een verklaring van de leverancier met een stoffenlijst. Een screening met een handmeter. En een laboratoriumanalyse per materiaal. Alleen dat laatste is een echte meting, de eerste twee zijn indicaties.

                      De verstandige route is een combinatie. Screening om risicoplekken te vinden, leveranciersverklaringen voor het gros en laboratoriumanalyse voor de materialen waar het risico zit of waar de onderbouwing ontbreekt.

                      Het verschil met REACH

                      RoHS en REACH worden vaak door elkaar gehaald. RoHS beperkt tien specifieke stoffen in elektrische apparatuur, per homogeen materiaal. REACH werkt breder, over alle producten, met een groeiende lijst zeer zorgwekkende stoffen en een informatieplicht boven 0,1 procent per voorwerp.

                      Ze sluiten elkaar niet uit. Een elektrisch product valt onder beide. Uw RoHS-onderbouwing zegt dus niets over uw REACH-positie. Omgekeerd geldt hetzelfde.

                      Wat u regelt

                      Begin bij een stuklijst met de materialen per component. Zoek daarna per component uit welke onderbouwing u hebt en waar die ontbreekt. Laat testen op de plekken met het hoogste risico: soldeer, coatings, kabelisolatie, kunststof met weekmakers en gekleurde onderdelen.

                      1. Maak een stuklijst met per component de materialen die erin zitten.
                      2. Vraag per leverancier een verklaring op, met de onderliggende rapporten erbij.
                      3. Screen het product om te zien waar zware metalen zitten en waar u dieper moet kijken.
                      4. Laat de risicoplekken per homogeen materiaal analyseren in een laboratorium.
                      5. Leg de keten vast in uw dossier, zodat een controleur van component naar bewijs kan lopen.

                      Van stuklijst naar sluitend dossier

                      Wij bouwen de keten op: stuklijst, leveranciersverklaringen, screening en analyse waar het nodig is. U krijgt een dossier waarin elk materiaal een bron heeft. Vaste prijs vooraf.

                      Bekijk onze diensten
                      Deze site is geregistreerd op wpml.org als een ontwikkelingssite. Schakel over naar een productiesite sleutel om remove this banner.